maandag 6 oktober 2014

LEV hoofdstuk 2: het statuut van de lesgever

Als zij-instromer heb ik pas op latere leeftijd besloten om te kiezen voor een job als leerkracht door deze opleiding te volgen. Maar dit brengt wel enkele elementen met zich mee die niet direct te verzoenen zijn met het hele systeem van benoemingen in het onderwijs. Op deze leeftijd heb ik al een gezin met schoolgaande kinderen, een huis dat moet afbetaald worden, kortom: een min of meer vaste situatie die toch ook een regelmaat aan inkomen vereist. Bovendien zit ik in de helft van mijn arbeidsloopbaan, wat wil zeggen dat ik nog 20 jaar werkzaam dien te zijn. Dat is nog een heleboel, maar in ieder geval minder dan een dertigjarige. Wat ik eigenlijk wil zeggen, is ik rekening moet houden met het vervolg van mijn arbeidsloopbaan en me geen al te gekke sprongen kan permitteren: er moet afbetaald worden en het pensioen is halverwege in aantocht.



Als ik hoor en lees hoe moeilijk het is voor beginnende leerkrachten om toch min of meer werk te vinden in het onderwijs, zakt me bij voorbaat de moed in de schoenen. Elchardus schetst in zijn uitgebreid artikel de motivatie maar ook de drempels van het beroep van leerkracht, en een van de hoofdelementen is toch wel de beroepsonzekerheid en de verschillende statuten waar men doorheen moet om een vaste aanstelling te verkrijgen. Dit wetende ben ik al op voorhand ontmoedigd. Ik ben niet iemand die vele risico’s durft nemen als het op inkomen aankomt: ik hou nogal vast aan een vaste job met een vast inkomen, dit is een van de belangrijkste elementen die me weerhouden om de sprong naar het onderwijs te wagen.

Daarom kan ik de oproep van Jef Boden, en de daarbij horende reacties onderaan het artikel (http://deredactie.be/cm/vrtnieuws/opinieblog/opinie/141005-opinie-jefboden-statuut-standard)
om de vaste benoeming in het onderwijs af te schaffen volgen, in die zin dat het hele systeem wat mij betreft mag omgevormd worden naar systemen die in andere sectoren worden gehanteerd, zoals ieder jaar een functioneringsgesprek met jaarlijkse evaluatie, of coaching en mentoring van beginnende leerkrachten, waar ook Elchardus voor pleit. Hierbij aansluitend begrijp ik het pleidooi van Jochems om expertise te verwerven als leerkracht, wat eigenlijk in contradictie is met het hele omslachtige systeem om vast benoemd te geraken. Vastbenoemd geraken heeft hoegenaamd niets te maken met je eigen expertise, know how, goesting en dies meer.  Het heeft enkel te maken met het aantal dienstjaren, een onwaarschijnlijk archaïsch systeem dat eigenlijk niet meer te verantwoorden is in deze tijd. Compleet achterhaald.

Een zij-instromer kan een onwaarschijnlijke meerwaarde binnenbrengen in de school: iemand die van buiten de schoolcultuur komt, kan met een kritisch oog heel wat veranderingen en verbeteringen voorstellen. Een zij-instromer heeft eerst heel wat andere ervaring achter de kiezen, ervaring die een meerwaarde kan betekenen voor de job. Daarom vind ik dat het meerekenen van anciënniteit een waardering betekent voor deze ervaring, maar waar waarschijnlijk weinig kans toe is met het huidige besparingsdiscours.



Het pijnlijke gebrek aan coaching en mentoring tijdens de job is voor mij nog een pijnpunt van het onderwijs. In mijn loopbaan is dit altijd een evidentie geweest, terwijl je in het onderwijs, bij wijze van spreken, je plan moet trekken. Tijdens mijn stage was er zelf een beginnende leerkracht die aan mij feedback vroeg van de les die ik bij haar observeerde omdat ze van niemand anders feedback kon krijgen over haar klasmanagement. Hierbij verwijs ik graag naar de alinea die het artikel van Jochems besluit: “Dat maakt aannemelijk dat er binnen vrijwel elke school docenten zijn die effectieve strategieën gevonden hebben om bepaalde problemen op te lossen. Deze achterhalen en delen met collega’s zou wel eens een basis kunnen vormen voor een effectieve benadering van professionele ontwikkeling van docenten”. Een waarheid als een koe.

On the job training zou echt een mogelijkheid moeten zijn, zeker voor het onderwijs waar jongeren worden gevormd! Elchardus en co verwijzen naar landen als Nieuw-Zeeland waar beginnende leerkrachten een % van hun lesuren worden vrijgesteld voor begeleiding en advies. Hiermee kan je de kwaliteit van het onderwijs opkrikken en sneller expertise opdoen, bijna een ‘must’ als het gaat over professionele ontwikkeling waar Jochems naar verwijst.

Andere elementen die Elchardus aanhaalt in zijn artikel, anders dan de instapmoeilijkheden van beginnende leerkrachten, zijn o.a. de werkdruk en administratieve rompslomp. Dit zijn m.i. elementen die steeds meer in eender welke job zich manifesteren: rekening houdend met de jobs in mijn arbeidsloopbaan is er zeker een stijging te merken van deze elementen, no escape possible, dus ook niet in het onderwijs.



De psychische belasting aan het houden van discipline in de klas is natuurlijk een ander paar mouwen, dit m.i. redelijk uniek aan de job, maar de belasting uit zich dan op andere terreinen zoals bv het halen van deadline, het moeten samenwerken met mensen van verschillend pluimage. Ook dit kan zorgen voor extra psychische belasting in jobs buiten het onderwijs.


Kortom: elk nadeel heb zijn voordeel, zei Johan Cruijff, en het is niet anders in het onderwijs. Toch ben ik van mening dat het hele benoemingssysteem mag afgeschaft worden en vervangen door andere, ‘gezondere’ systemen die hun nut meermaals bewezen hebben. 

1 opmerking:

  1. Beste Ann - dank je voor je boeiende bijdrage.
    Aangezien je reeds op het einde van je lerarenopleiding zit en reeds heel wat werkervaring hebt buiten het onderwijs breng je interessante elementen mee in de discussie. Ik sta je dan ook bij als je aangeeft dat zij-instromers een grote meerwaarde voor onderwijs zijn.
    Helaas is het klimaat zij-instromers niet gunstig gezind waardoor velen, nochtans gepassioneerde leraren, toch de stap niet zetten.

    BeantwoordenVerwijderen