Met mijn diploma van Maatschappelijk Werk (professionele bachelor) kan ik eigenlijk bedroevend
weinig vakken geven.
·
“MAVO” en “PAV” zijn de te verwachten
vakken. Ik weet ongeveer wat ze
inhouden, maar wat ik er van weet, spreekt me niet zo aan.
·
“NT2” daarentegen, spreekt me veel meer aan,
gezien de internationale en interculturele context waarin dit vak zicht naar
alle waarschijnlijkheid afspeelt.
Maatschappelijk Vorming (VE):
Omdat ik enkel voor het vak “MAVO”
een “vereiste bekwaamheid heb, heb ik het vak even gegoogeld, en ik heb het
volgende recente (2012) document gevonden:
“Maatschappelijke Vorming – tweede graad BSO, Leerplan Secundair
Onderwijs van het VVKSO (Vlaams Verbond van het Katholiek Secundair Onderwijs) [1].
Ik moet toegeven dat dit een zeer interessant document is met
leerplandoelstellingen, leerinhouden, pedagogische-didactische wenken (!) en
didactische middelen. Een document dat mij gecharmeerd heeft en mijn
aanvankelijke vooroordelen/tegenzin heeft overwonnen. “Onbekend is onbemind”
wordt gezegd, en dat moet ik deemoedig toegeven.
Ik
wil nog even toelichten waarom dit document me over de streep heeft gehaald.
Ø
Bij de beschrijving van de beginsituatie wordt op een realistische
en begripvolle (niet stigmatiserende) leerlingenkenmerken beschreven,
herkenbaar vanuit mijn praktijkervaring. Een beschrijving die ik waardeer,
gezien de vele vooroordelen en verkeerde veronderstellingen naar de doelgroep
van BSO toe.
Ø
In “consequenties naar de leraar MAVO” worden
principes beschreven waar ik volledig achter sta:
·
de leerlingen
leren kennen en aanvaarden om begeleidend en onderwijzend met hen op weg te
gaan;
·
haalbare en
duidelijke doelen bij onderwijs en begeleiding vooropstellen;
·
een eenvoudige,
voor de leerlingen begrijpbare taal hanteren;
·
lesstrategieën
aanwenden die uitgaan van de beginsituatie van de leerlingen;
·
de
lesbetrokkenheid van de leerlingen alle kansen geven;
·
goede
studiegewoonten stimuleren die deze leerlingen ten dienste kunnen staan;
·
aanzetten geven
tot het zelfstandig verwerken van de leerstof aangepast aan deze leerlingen: in
de eerste
·
plaats in de klas
zelf, eventueel ook thuis.
Ø
“Mavo is dus meer dan vorming tot een aantal sociale deugden zoals
dienstvaardigheid, eerlijkheid en naastenliefde (bemerking: oké, het is dan ook het Katholieke onderwijsnet …) Ze
beperkt zich niet alleen tot vorming in sociale relaties. In elk van de
hierboven genoemde aspecten wil Mavo het nodige inzicht bevorderen, bepaalde
houdingen ontwikkelen en de nodige vaardigheden bijbrengen”. Ook dit komt
overeen met mijn mening over onderwijs: onderwijs is niet alleen een
leerproces, het bereidt de leerling op voor op het leven zelf.
Ø
In “Algemene
pedagogisch-didactische wenken” worden een aantal uitgangspunten beschreven
waar MAVO volgens VVKSO voor staat:
zoals bv. MAVO = waarde opvoeding,
geïntegreerd werken, coördinatie met andere vakken, doe-lessen, selectie
van doelen, audiovisuele middelen, afwisseling van werkvormen en tot slot: zo
individueel mogelijk werken. Allemaal elementen waarin ik me kan vinden en die
ik in mijn praktijkervaring heb nagestreefd.
Ø
Bemerking:
uiteraard ben ik me ervan bewust dat dit een tekst is van een zeer welbepaalde
zuil, en vanuit die optiek is deze visie een gekleurde visie. Om deze reden heb
ik eenzelfde document gelezen, maar dan van het GO! Onderwijs[2].
Hierin zijn dezelfde uitgangspunten te vinden, weliswaar met een iets andere
visie (geen levensbeschouwelijk uitgangspunt), maar bv wel met een uitgebreide
lijst van “minimale materiele vereisten”
(p. 22) als een wereldkaart, een tijdsbalk, krantenknipsels, enz. wat
een interessante aanvulling geeft om mijn beeld van dit vak te vervolledigen.
Project
algemene vakken (VO)
Het
vak PAV is mij volgslagen onbekend, vandaar toch de moeite om het nader te
onderzoeken. Na enig zoekwerk vind ik het volgende:
“Tot
op heden is het onderwijssysteem nog altijd gebaseerd op het traditioneel
vakgerichte model ondanks de vele stromingen die al jaren integrale opvoeding
en onderwijs propageren. De hedendaagse
maatschappij verwacht van de school dat zij de totale persoon opleidt en
opvoedt. In ons onderwijs bestaan er al initiatieven van vakoverstijgend werken, zoals de
geïntegreerde proef, vakoverschrijdende eindtermen en ontwikkelingsdoelen en
occasionele projecten, die echter de traditionele vakkensplitsing nog niet
doorbreken. PAV in het beroepsonderwijs
doet dat wel en bouwt die integratie structureel en systematisch in de
wekelijkse lessentabel in.”[3]
“Het
is helemaal niet vanzelfsprekend om basisvaardigheden aangeleerd in het ene vak
aan te wenden in een ander vak. Met PAV verwerken de leerlingen de bundeling
van levensechte en herkenbare inhouden als één geheel, zoals zij ook de realiteit van het leven als één geheel ervaren, in
een logische samenhang. Dit aangepaste leerpakket is gericht op de concrete toepassing in het dagelijkse leven
van de jongeren. Op die manier verhoogt hun interesse voor en hun inzicht
in mens en maatschappij, zodat zij beter
uitgroeien tot mondige, weerbare, vaardige en geëngageerde deelnemers aan de
samenleving. Zij verwerven aldus de nodige vaardigheden.”[4]
“In
PAV krijgt een leraar in hoge mate de mogelijkheid om te werken aan een vertrouwensrelatie met de leerlingen. Het
geloof in hun leraar als mens en dit vertrouwen in hun leraar-opvoeder als
ankerfiguur is voor beroepsleerlingen een absolute voorwaarde om gemotiveerd te werken aan hun eigen leerproces. Het
'verborgen leerplan' van deze jongeren is doorweven met een grote hoeveelheid niet-cognitieve, morele en gevoelsmatige
aspecten die zij aangesproken willen voelen vooraleer bij hen sprake kan
zijn van interesse, motivatie en
engagement. Een dergelijke sfeer is meteen een vruchtbare voedingsbodem
voor zelfconceptverheldering en ethische waardevorming.”[5]
Ik kom
zelf uit de sector van het jeugdwelzijnswerk (emanciperend werken met
maatschappelijk kwetsbare jongeren) en kan me helemaal in deze visie vinden. Onderwijs is niet enkel
het overdragen van kennis. Mijn
overtuiging is dat het onderwijs de jongeren moet voorbereiden op het leven
zelf, het leven in de huidige maatschappij. Bovenstaande uitgangspunten van PAV
sluiten zeker aan bij mijn ervaring en overtuiging.
Als
ik wat meer in detail wil onderzoeken wat PAV concreet is (eindtermen en
ontwikkelingsdoelen) op de site van het VVSKO, dan geraak ik er echt niet uit.
Zoveel verschillende leerplannen: bv VVSKO
heeft een klepper van meer dan 200 blz over PAV voor alle
studierichtingen, aangevuld met een deel 2 “met integratie moderne vreemde
talen” [6]
en dan ben ik het noorden helemaal kwijt. Daarom beperk ik me tot het leerplan
van het G!O, verteerbaar [7],
met duidelijke leerplandoelstellingen en pedagogisch-didactische wenken.
Toch lijkt dit vak me niet zo evident, omdat
het gaat over vanalles, zonder een duidelijk profiel. Daarom is het m.i.
absoluut noodzakelijk om de nodige aansluiting te vinden met de andere (meer
specifieke) vakken door middel van vakgroepoverleg. Bv cluster
basisrekenvaardigheden met de regel van drie, percentberekeningen, enz.
Onderdelen van PAV waar ik met geen mogelijkheid aan heb gedacht en die toch
enige opfrissing nodig hebben!
Maar hoe zit het dan met de tewerkstelling in de sector van het onderwijs?
Als we de laatste berichten over tewerkstelling in het onderwijs mogen geloven, ziet het er niet al te rooskleurig uit. Besparingen alom.
Daarom is het des te interessanter om de bundel "arbeidsmarkt rapport prognose 2011-2015" te lezen. Op p 22 staat dat er een overschot van 265 lk zal zijn: "Door het effect van de vergrijzing in het lerarenkorps neem in het SO grotere proporties aan dan in het basisonderwijs". Een hoopvol bericht. Bovendien blijkt dat wie de SLO heeft gevolgd bredere perspectieven heeft op de arbeidsmarkt dan diegenen die de geïntegreerde opleiding hebben gevolgd, omdat een SLO bovenop een bestaand diploma komt, in tegenstelling tot de geïntegreerde opleiding waar dit het enige diploma is. (p 35).
Op p 42 staat bovendien de bevinding dat er een tekort aan leerkrachten zal zijn voor het vak PAV, waarbij de vraag groter is dan het aanbod. Ik volg de opleiding volgens een wat oneigenlijk parcours en heb al stage gedaan (PAV en MAVO) in twee beroepsscholen (Edugo Glorieux en OLVI) en ik heb de indruk dat er geen tekort is aan PAV leerkrachten, integendeel: de directie krijgt vele kandidaten, nog voor er een vacature is.
Toch eindigt het rapport niet zo positief over de arbeidsperspectieven in onderwijsland:
"Concreet zullen er 9.335 nieuwe leerkrachten mogelijk beschikbaar zijn voor het secundair onderwijs terwijl er een vraag is van 4.970 (4.607 nieuwe betrekkingen + 363 niet-ingevulde plaatsen in de leerkrachtendatabank). "
"Maken we de optelsom van vraag en aanbod, dan betekent dit dat er in de komende vier jaar (2011 – 2015) een overschot zal zijn van 4.365 leraren. Deze stijging ten opzichte van de vorige jaren kan vooral verklaard worden door een daling van de vraag. Deze daling van de vraag kan toegeschreven worden aan de pensioenmaatregelen, waardoor leerkrachten langer aan de slag moeten blijven en aan de demografische evolutie van het leerlingenaantal. "
Ik ben van mening dat deze conclusies enigszins achterhaald zijn, aangezien de gevolgen van de crisis zich momenteel ten volle manifesteren en de prognose absoluut niet positief is: niet enkel te wijten aan pensioenmaatregelen en een dalend leerlingenaantal, maar ook de besparingen zullen het onderwijslandschap waarschijnlijk voorgoed veranderen, denk maar aan het voorstel om één uur meer les te geven voor hetzelfde loon, wat een besparing betekent van 1800 leerkrachten ....



Beste Ann - hartelijk dank voor je blogpost.
BeantwoordenVerwijderenHet verbaasde me enigszins te lezen dat de vakken PAV en MAVO voor jou nog vrij onbekend waren ook al heb je er je stage in gedaan?!
Het was dan weer wel te lezen dat de bijkomend opgezochte informatie je heeft aangesproken.
Wat betreft werkzekerheid is de beste aanwijzing het opvolgen van de actualiteit. Daar waar het document wel een kader en richtlijn kan meegeven zijn bepaalde inhouden onderhevig aan de huidige wijzigingen in de maatschappij.