Ik stond er
bij en keek er naar ….
Als ik aan ICT denk, voel ik toch wel enige
koudwatervrees, ook ervaar en begrijp ik heel goed dat er ‘no escape possible’
is. Gelukkig heb ik enkele jaren geleden in een internationaal netwerk gewerkt,
waarbij online tools en online leerplatforms schering en inslag waren. Toentertijd
probeerde ik eraan te ontsnappen wegens het vinden dat het “toch allemaal niet
belangrijk is en er belangrijkere dingen te doen zijn” en meer van dergelijke
vluchtpogingen. Momenteel begrijp ik steeds beter welke waardevolle ervaringen
en kansen ik toen heb gekregen om helemaal ‘mee’ te zijn, ondanks mijn
toenmalige weigering om hierin volledig mee te gaan, tot grote ergernis van
mijn collega.
Toen mijn
zoon 4 jaar was, kon hij mijn laptop opstarten ook al kon hij niet lezen noch
schrijven. Ondertussen is hij 8 en kan er beter mee overweg dan ik… Inderdaad,
ik sta erbij en kijk er naar.
Waarom
vertel ik dit allemaal? Omdat het m.i. aangeeft hoe de huidige generatie gepokt
en gemazeld is in het gebruik van ICT in het dagelijkse leven. Dus ook in
onderwijs, vermits dit ook deel uitmaakt van het dagelijkse leven, maar ook en
vooral omdat onderwijs de leerlingen voorbereidt op het dagelijkse leven. Ik
wil echt niet geweten hebben dat mijn kinderen even hard sukkelen met ICT als
onderdeel van het dagelijkse leven als ik. PC’s zijn al te vinden in de
kleuterklas, potdorie.
En dit geeft
meteen ook mijn visie weer op het gebruik van ICT in het onderwijs: onze
samenleving verandert angstwekkend snel. Evenzo de informatietechnologie. We
leven in een tijd waarin de leerlingen meer en meer “digital natives” zijn. En
ik stond erbij en keek ernaar. Ik heb niet voor niets heel bewust gekozen voor
het Perspectief, juist wegens het gebruik van nieuwe media in de klas. Ik ben
ervan overtuigd dat dit de toekomst is en dat dit ook meer en meer onze
leerstijl zal beïnvloeden. Door het wereldwijdeweb ligt de wereld aan onze
voeten: we hoeven niet eens te reizen om met andere collega’s te communiceren,
te discussiëren, om know how uit te wisselen.

Het gebruik
van nieuwe media prikkelt de leerlingen en hun leerproces. Of zoals Benjamin
Franklin het uitdrukt: “Tell me and I forget, teach me and I remember, involve
and I learn”, wat meteen ook het motto is van “serious gaming” van Be Involded.
“Bij Serious Gaming worden complexe theorieën
in spelvorm gegoten waardoor het voor de spelers begrijpbaar wordt over
gebracht. Serious Gaming ontrekt mensen aan het idee dat ze bezig zijn met
leren en laat spelers afleidingen vergeten waardoor ze beter betrokken zijn bij
het spel. Tijdens games heeft iedereen een functie en het voltooien van een
game geeft voldoening aan alle spelers. Kortom, met behulp van Serious Gaming
gaat leren min of meer automatisch en het is bewezen dat de lesstof langer
blijft hangen!” (bron: http://www.beinvolved.nl/serious-gaming/). Na jarenlang werken in het
jeugdwelzijnswerk ben ik ten volle overtuigd van het (leer)nut van
(simulatie)spelen, en zeker ook van ‘serious gaming’.
Als
het gaat over ‘flipping the classroom’ zie ik zeker enkele voordelen, maar
evenzeer nadelen. Indien een school gebruik maakt van een ‘geflipte classroom’,
dan moet m.i. de tijd die een leerling nodig heeft om het instructiefilmpje te
bekijken en te verwerken, vrijgemaakt worden in de schooltijd en niet in de
vrije tijd, met een "geflipt uurrooster" dus. Of zoals de voorzitter
van de Scholierenkoepel, Lyle Muns, het verwoordt: “de werkdruk bij scholieren
is te groot” (bron: http://www.standaard.be/artikel/detail.aspx?artikelid=DMF20130308_005 ). Flipping the classroom moet een
middel zijn en geen doel. En dat is net hetzelfde voor alle middelen die
gebruikt worden in een klas: het is een middel om de doelstellingen te bereiken
en geen doel op zich. En afhankelijk van de doelstellingen kan er gebruik
worden gemaakt van uiteenlopende ICT hoogstandjes, maar evenzeer van een
krijtbord. Ik verkies dus de pragmatische aanpak.
Toch
vind ik het belangrijk om ook de digitale kloof te vermelden als het over school en
ICT gaat. Gezinnen in armoede kunnen het zich niet of nauwelijks veroorloven om
ICT in huis te halen. Ik heb met kinderen en jongeren gewerkt waarvan de
ouders letterlijk iedere euro dienden om te draaien en moeten wikken en wegen
aan wat ze die euro uitgeven. Als PAV leerkracht is de kans groot dat we
dergelijke jongeren in de klas hebben, gezien de studierichtingen en de daarmee
samenhangende doelgroepen. Daarom pleit ik voor voorzichtigheid en aandacht te
hebben voor de valkuil van ons middenklasse-denken dat 'iedereen ondertussen
toch wel een computer heeft'. Uiteraard bestaan er internetcafés, bibliotheken
met internet, OCR's (openbare computer ruimtes), allemaal bedoeld om de kloof
te dichten (behalve de cafés dan, J ).

Het
al dan niet hebben van toegang tot ICT, beïnvloedt nl ook de toegang
tot informatie en daarmee samenhangend, het ontwikkelen van digitale
vaardigheden of anders gezegd: digitale ongeletterdheid is
een feit dat we niet mogen minimaliseren. Hier ligt natuurlijk ook een
verantwoordelijkheid van de school, nl door het gebruik en vooral het
stimuleren van het gebruik van ICT. Maar dit heeft ook een keerzijde: m.i. moet
de school dan ook een serieuze inspanning doen om het nodige materiaal GRATIS
ter beschikking te stellen van de leerlingen. Als een school ervoor kiest om
met een ipad te werken, dan dient zij dit GRATIS ter beschikking te stellen van
haar leerlingen.
Tot
slot: hoe je het draait of keert, sociaal contact is essentieel en mag niet
(volledig) vervangen worden door ICT. Interactie tussen leerlingen (bv peer
tutoring), interactie tussen leerling en leerkracht (bv de leerkracht als
rolmodel), de school die wordt gevormd door de interactie met de leerlingen, ….
Dit alles is essentieel als de school haar leerlingen wil voorbereiden op het
leven zelf: kwaliteitsvolle menselijke interactie. De leerkracht heeft toch wel
een voorbeeldfunctie en afhankelijk van de persoon kan hij/zij een inspirerend
voorbeeld zijn.

Hoe je het draait of
keert, sociaal contact is essentieel en mag niet (volledig) vervangen worden
door ICT. Interactie tussen leerlingen (bv peer tutoring), interactie tussen
leerling en leerkracht (bv de leerkracht als rolmodel), de school die wordt
gevormd door de interactie met de leerlingen, …. Dit alles is essentieel als de
school haar leerlingen wil voorbereiden op het leven zelf: kwaliteitsvolle
menselijke interactie.
Opgepast met het middenklasse denken: ja, daar moeten we zeker aandacht voor hebben!
BeantwoordenVerwijderen