woensdag 18 juni 2014

Olvi - les 3 & 4: in de mode 2

DCS

LESVOORBEREIDINGSFORMULIER


Naam stagiair: Ann Hendriks
School: OLVI
Datum: 28/03/2014
Tijdstip: 8:30-9:20; 9:20-10:10
Doelgroep: 2KVV1
Klaslokaal: MAVO lokaal
Aantal leerlingen/cursisten: 9 à 10

Sterke punten uit DCO:
-          Gebruik van humor
-          Maak 1 A4 met overzicht van hele les
Werkpunten uit DCO:
-          Combinatie van verschillende media
-          Kiezen van het onderwerp en keuze methodieken
-          “the show must go on”, als ik de draad (van de les) verlies
Opmerkingen uit vorige stagelessen:
-          Werken aan het geven van duidelijke instructies
-          Werken met een llnbundel ipv losse blaadjes
-          Kort op de bal spelen door snel te reageren op reacties en acties van de lln
-          Link met dagelijkse leven er meer laten uitkomen
-          De les begint bij het in de rij staan op de speelplaats
-          Meer “schwung” in de les steken, o.m. door de keuze van methodieken
-          Ik ben de baas over de klas en dat duidelijk laten merken
-          Meer lesstructuur in les steken
Ik mag meer verwachten/eisen van de lln
De inhoud van de les meer aan elkaar praten en voortdurend linken leggen tussen de inhoud
Kordater optreden
De paginanummers van de bundel die wel behandelen op bord schrijven
Als de lln een andere taal spreken hierover een opmerking maken
Gebruik het bord iets meer: alles wat de lln moeten invullen, schrijf je mee op het bord
Probeer preventief in te spelen op ordeverstorend gedrag
Voorzie andere opdrachten voor de lln die al klaar zijn met de eerste opdracht

Lesonderwerp: In de mode 2
Situering en verantwoording van het onderwerp
Het is een bewuste keuze van de school om de bundels van Sherpa te volgen voor de lessen. De leerlingen hebben zelf aangegeven dat ze deze bundels aangenaam vinden met een duidelijke structuur. Na het thema ‘water’ volgt nu het thema ‘in de mode’. Het is de eerste keer dat de leerkracht dit thema behandelt in haar lessen omdat ze nog nooit zo ver is geraakt in het aantal thema’s dat per schooljaar wordt behandeld.

Beginsituatie:
             Onderwijsbehoeften van de leerlingen in groep :
Zo veel verschil is er niet tussen het publiek van de ene en de andere school. Het blijft een kleurrijke mix van etnisch-culturele achtergrond, precaire familiale omstandigheden en socio-economische achtergrond. Wat wel opvalt is dat 70% van de leerlingen van OLVI een andere etnisch-culturele achtergrond hebben en dat meer dan 50% het Nederlands niet als moedertaal heeft. Dat is behoorlijk veel .... Bovendien zijn de klassen gemengd: meer meisjes dan jongens. In Edugo ging het enkel over jongens. Het leerniveau is niet hoog. De klassen waar ik les zal geven, hebben het niveau van het 4de tot 5de lager onderwijs. Daar staat wel tegenover dat de maturiteit van de leerlingen wel op niveau is: ze zijn 'wereldwijs' genoeg :). De klas zit in een fase dat ze met elkaar overhoop liggen: er zijn heel wat onderlinge conflicten, en een aantal lln heeft een volgkaart.
Net zoals in Edugo heeft deze klas nood aan actieve werkvormen, voldoende afwisseling, laagdrempelige activiteiten:
             - instructie nodig die kort en duidelijk is - “less is more”
             - opdrachten of taken nodig die afwisselend zijn, regelmatig herhaald worden, laagdrempelig (herkenbaar)
             -  leeractiviteiten of materialen nodig die blijven boeien, de leerlingen uitdagen en blijven motiveren voor de les, maar uiteraard ook om iets te
                leren over het onderwerp, waarmee ze in hun dagelijkse leven worden geconfronteerd.
             - feedback nodig die ondersteunend, maar ook corrigerend is (inhoudelijk maar ook gedragsmatig);
             - groepsgenoten nodig die niet bang zijn om het goede voorbeeld te geven;
             - een leerkracht nodig die duidelijke grenzen stelt, ondersteunend maar ook kritisch kan zijn, creatief en vindingrijk, niet bang is om voor het
                BSO niet-evidente onderwerpen aan te pakken in de klas (bv een schrijver en zijn boeken)

             Individuele onderwijsbehoeften :
              De onderwijsbehoeften van leerlingen staan centraal.
              Probeer deze op een concrete, doelgerichte en positieve manier te formuleren.
              Volgende hulpzinnen kunnen helpen om beide rubrieken in te vullen :
             Deze klas/ deze leerling heeft :
o    Een duidelijke structuur in de les nodig
o    Duidelijkheid en grenzen nodig

             Situering leerplan: VVKSO (D/2011/7841/019)

             Leerplandoelstellingen:
Domein Tijd en ruimte:
1-       De lln kunnen figuren en gebeurtenissen die belangrijk zijn bij het onderwerp op een gegeven tijdsband plaatsen (OD 12)
2-       De leerlingen kunnen aan de hand van voorbeelden verschillen aantonen tussen het dagelijks leven van jongeren uit een andere tijd en plaats met hun eigen leven (OD 14)
3-       De lln kunnen onder begeleiding conclusies formuleren over  de verschillen tussen het dagelijkse leven van jongeren uit een andere tijd en plaats  met hun eigen leven (OD 14)
4-       De lln kunnen adhv eenvoudige bronnen het dagelijkse leven van mensen uit een andere tijd vergelijken met hun eigen leven en daar onder begeleiding conclusies uit trekken (OD 15)
Domein maatschappelijk en ethisch bewustzijn
1-       De leerlingen kunnen aan de hand van voorbeelden verschillen tussen sociale en culturele groepen uit hun eigen leefomgeving illustreren. (OD 2)
2-       De leerlingen oefenen zich in het respectvol omgaan met anderen.(OD 3)
3-       De lln leren rekening houden met andere opvattingen en leren een mening vormen obv argumenten (0D7)

VOETen
Context 3:
-          De lln kunnen een relatie opbouwen, onderhouden en beëindigen
-          De lln erkennen het bestaan van gezagsverhoudingen en het belang van gelijkwaardigheid, afspraken en regels in relaties
Context 7: socioculturele samenleving
-          De lln gaan constructief om met verschillen tussen mensen en levensopvattingen
Leren leren
-          Opvattingen over leren: 1; 2
-          Informatieverwerving: 5
-          Informatieverwerking: 7; 8; 9
-          Regulering van het leerproces: 11; 12;
ICT: /

Bronnen:
-          Sherpa bundel: in de mode









Lesverloop





T
I
M
I
N
G
Lesdoelstelling
Fase + Leerinhouden
Onderwijsleeractiviteiten
(organisatie, werkvormen, leermiddelen, didactische principes…)
Media
Evaluatie




opgelet: deze DS verschillen van de leerplanDS
+ formuleer altijd waarneembaar gedrag


= WAT

= HOE

Vergeet je mondelinge vragen niet op te schrijven
30
De lln kunnen de inhoud van de vorige les toepassen.
Herhalings- en motivatiefase
De lln kunnen het geleerde van de vorige lessen toepassen in een kwartetspel.
Activiteits- en belangstellingsprincipe:
Memory
Per 4
Spelregels:
-         Het doel van het spel is om zoveel mogelijk 4 kaarten te verzamelen van 1 kledingstuk
-         Het spel wordt gespeeld als volgt:
o   Alle kaarten worden uitgespreid over de tafel met de achterkant naar boven
o   Ieder mag om de beurt twee kaarten omdraaien
o   Indien je twee kaarten van hetzelfde kledingstuk hebt omgedraaid, mag je deze aan de kant leggen.
o   Zolang je twee kaarten van hetzelfde kledingstuk hebt omgedraaid, mag dezelfde persoon verder spelen
o   De volgende is aan de beurt als de voorgaande persoon geen twee kaarten van hetzelfde kledingstuk meer heeft omgedraaid
o   Het uiteindelijke doel is om 4 kaarten van hetzelfde kledingstuk te vinden.
o    Het spel eindigt als er geen kaarten meer op tafel liggen
o   De winnaar is diegenen met de meeste kwartetten (4 kaarten van hetzelfde kledingstuk)
Nabespreking: onderwijsleergesprek
-          Lk stelt vragen om na te gaan wat de lln van het spel vonden + (gaat na welke stijlen van kleding van nu de lln nog kennen: FashionVictim, Gabber, Hiphop, Jungle Mellow, Metal, Normaal, R&B en skate, Beatniks, Dijkers, Disco's, Hippies, Nozems, Pleiners, Punkers, Rock-'n-Roll en Skinheads.)
Om link te leggen met volgende inhoud:
-          In cultuur van thuisland: traditionele kledij? Dragen ze die soms? Wat vinden ze daarvan?
-          Veel verschil tussen kledij van vroeger en nu (in thuisland)? = link tussen buitenlandse kledij en kleding vroeger en nu


Laptop en beamer

Ppt met spelregels
Begrijpt iedereen het? Is iedereen mee? Zal ik het nog eens herhalen?



























Wat vond je van het spel? Was het moeilijk? Kon je je de vorige les nog herinneren? Zo ja, wat dan wel? Zo niet, wat dan niet?

Hebben jullie in het land van herkomst traditionele kledij, typische kledij van het land? Wordt dat door de mensen nog gedragen? Dragen jullie dit soms? Wanneer wel/niet? Is er veel verschil tussen kleding van vroeger en van nu?


10




(ongeveer einde 1ste lesuur)
De lln kunnen hun eigen mening verwoorden.
Orientatie- en verwervingsfase:
De lln verwerven inzicht in hun eigen mening en die van anderen over kleding
Activiteits- en belangstellingsprincipe:
Kleding van vroeger en nu                               p 139
Klasgesprek: wat vinden de lln van deze kledij? Welke verschillen zien ze? Vinden ze dit mooi? Zouden ze zelf zoiets dragen? Waarom wel, waarom niet?
Llnbundel

Zelfgemaakt blad met kledingstijlen van jongeren vroeger en nu
Wat vinden de lln van deze kledij? Welke verschillen zien ze? Vinden ze dit mooi? Zouden ze zelf zoiets dragen? Waarom wel, waarom niet?
Tot: 25


(ongeveer einde 1ste lesuur)

De lln kunnen inzien dat kleding evolueert doorheen de eeuwen.
Verwervingsfase: de lln verwerven inzicht in de verschillen tussen kleding van vroeger en nu








Herhalingsfase: de tijdsbalk en de periodes zijn min of meer ‘gekend’: ze hebben dit ooit al eens gemaakt
Kleding vroeger en nu (vervolg)
Individueel:                                                 p 140-141
Instructie:
1)        lees de volgende teksten. Bij elke tekst hoort een afbeelding uit het knipblad. Het knipblad is het laatste blad van deze bundel (p161) Kleef de afbeelding telkens naast de tekst.



2)       Plaats daarna ook het juiste nummer 
      van de tekst op de tijdsbalk.

3)       Op bord staat de tijdsbalk. (uitleg doel tijdsbalk) - onderwijsleergesprek
Een lln wordt gevraagd om op het bord de juiste benaming te plakken  (nieuwste tijd, prehistorie, oude Nabije Oosten, nieuwste tijd, middeleeuwen, eigen tijd, klassieke oudheid) (herhalingsprincipe). Wat betekent het Px teken?

4)       De oefening wordt klassikaal gemaakt en verbeterd.
5)       Het onthoud-vakje wordt ingevuld.
6)       Idem voor de tijdsbalk.
llnbundel
Scharen
Lijm

Tijdsbalk op bord+ periodes staan beschreven op vellen papier en moeten geplakt worden op de juiste plaats in de tijdsbalk (met plakkauw-gum)




Link met volgende thema:
-          Als al deze prentjes bekijkt en van welke stof de kleren zijn gemaakt, vraag ik me af of er toen ook al katoen bestond?
-          Wie weet daar iets over te vertellen?
-          Bestonden er vroeger ook al katoenen kleren?
-          Heel vroeger was de kledij van fluweel of brokaat, maar niet van katoen. Katoen kwam pas later.
-          We gaan nu naar een filmpje kijken waarin we zien hoe katoen wordt gemaakt en geoogst.

Zie hiernaast
10
De lln kunnen het productieproces van katoen opsommen.
Motivatiefase en verwervingsfase: filmpje over katoen





Verwerkingsfase: de lln verwerken de informatie uit het filmpje in foto’s


Aanschouwelijkheids- en differentiatieprincipe

Over katoen gesproken                                      p 142
Klassikaal
Filmpje over katoenverwerking op de plantage (schooltv 2:10 min)

Individueel: foto’s van het filmpje ordenen
-          Per fase van de verwerking van katoen is er een foto.
-          De foto’s moeten geordend worden in de juiste volgorde (die ze in het filmpje hebben gezien)
Laptop
Beamer
Internet


A4 met foto’s van de fase: de foto’s nummeren in de juiste volgorde




Link met volgende oefening:
We hebben een filmpje gezien over een katoenplantage. In Amerika krijgen de bazen van een katoenplantage geld van de overheid om goedkoop en veel katoen te kweken. In arme landen kan de overheid de katoenboeren niet helpen met geld. De katoenboeren kunnen niet zo veel katoen kweken en hun kosten zijn veel hoger. Daardoor is hun katoen ook duurder. We gaan een tekst lezen over ‘eerlijke katoen’: dat wil zeggen dat de boeren een goede prijs krijgen voor hun katoen, een eerlijke prijs. En het is katoen dat niet door kinderen is gemaakt.


Tot: 20 min











(einde 2de lesuur?)
De lln kunnen de relatie aangeven tussen de oorsprong van katoen en de uiteindelijke kledij.
Verwervingsfase: de lln verwerven inzicht en kennis over de waar katoen vandaan komt en hoe onze kleren worden gemaakt (onder welke omstandigheden)
Activiteitsprincipe

Tekst uit llnbundel: eerlijk katoen, stof voor de toekomst                                                            p 142
1)       Klassikaal wordt het stappenplan om een tekst te lezen overlopen (p142)
2)       Individueel: tekst lezen
3)       Klassikaal: de vragen worden klassikaal overlopen zodat alles duidelijk is
4)       Klassikaal worden de oplossingen overlopen en
5)       het onthoud-vakje ingevuld
llnbundel

(Start 3de lesuur?)



Link met volgende thema:
-          wie denkt dat hij/zij katoenen kleren aanheeft? Zit daar een label in waarop staat waarvan je kleding is gemaakt?
-          als je katoenen kleren bekijkt, dan wordt dat ook vermeld in het label dat je binnenin vind
-          dat is een kledinglabel
-          dat label vertelt over hoe je het moet wassen, waar het gemaakt is, van welke stof de kleding is gemaakt enz

Zie hiernaast
5



De lln kunnen symbolen begrijpen
Verwervingsfase
Je kleding begrijpen                                       p 146
Oefening - individueel: begrijp je alle symbolen op onderstaande kledinglabel? Schrijf de uitleg erbij.
Oefening: klassikaal overlopen van oplossing

Zie oplossings-bundel


5






De lln kunnen symbolen begrijpen
Verwerkings- en herhalingsfase
Aangekleed                                                       p 151
1)       Oefening – individueel: bekijk het volgende kledinglabel en los de vragen op
Oefening – klassikaal overlopen van oplossing

2)       Oefening – per twee: teken een kledinglabel over van een kledingstuk dat je aan hebt. Verklaar alle symbolen
Oefening – klassikaal overlopen van oplossing

Zie oplossings- bundel


Zie oplossings- bundel








10
De lln kunnen begrippen aanduiden.
Motivatiefase: llnbundel pag 138: raster maken
Differentiatie:  als een lln al klaar is met een opdracht, kan hij/zij deze oefening alvast maken (zodat de rest niet wordt gestoord)
Instructie, activiteitsprincipe:

raster maken                                                  pag 138
1)       Individueel woorden zoeken met allerlei kledingstukken
2)       Klassikaal oplossingen overlopen
Llnbundel
kopies van oplossingen

10
De lln kunnen begrippen aanduiden.
Herhalings- en motivatiefase: herhaling van de voorbije inhoud
Differentiatie: individueel - als een lln al klaar is met een opdracht, kan hij/zij deze oefening alvast maken (zodat de rest niet wordt gestoord)

Diegenen die al klaar zijn met de oefening, kunnen een kruiswoordraadsel invullen
Kruiswoord-raadsel in de mode




Geen opmerkingen:

Een reactie posten